Broedvogeltelling Wijde Aa 2018

Woubrugge – Nu de zomer bijna plaats maakt voor de herfst, wordt het weer de hoogste tijd om de broedvogels langs de oevers van de Wijde Aa en de Plaspolder te evalueren.
Want, hoe staat het met de verschillende vogelsoorten die afhankelijk zijn van het gebied. En welke invloed heeft het beheer er op. Een aantal soorten komen hier aan de orde.

een deel van de Plaspolder

Te beginnen bij de rietvogels, er was dit jaar aardig wat riet langs de meeste sloten te vinden en dat is gunstig voor deze soorten, ook wordt de waterkwaliteit er aanzienlijk beter van.
Toch lieten een paar rietvogel-soorten een lichte afname zien ten opzichte van vorig jaar.
De rietzanger en bosrietzanger namen beide met een paar af, terwijl de rietgors en de kleine karekiet beide een toename lieten zien.

Spectaculair is de stijging van het aantal spotvogels, er waren er dit jaar vijf meer dan een jaar terug. De putter verdubbelden zelfs in aantal en de blauwborst is met drie paar weer helemaal terug. De grasmus bleef net als de zwartkop, de groenling en de heggenmus stabiel, maar de tuinfluiter nam daarentegen ligt af. De merel nam ligt toe en er was ook weer een zanglijster in het gebied vertegenwoordigd.

De tjiftjaf liet ook een behoorlijke stijging zien, de kneu is ook dit jaar weer ruim vertegenwoordigd, het later maaien van de Plasdijk en Plaspolder, waardoor er veel ruigte is doet ze kennelijk goed, de putter heeft ongetwijfeld ook van de vele distels geprofiteerd in het gebied. De winterkoning nam ook flink in aantal toe, wellicht profiteerden ze wel wat van de vele takkenrillen die afgelopen winterperiode zijn aangelegd.

De weidevogels die vorig jaar onverwachts tot broeden kwamen in de Plaspolder zijn dit jaar helaas alweer verdwenen, wellicht was het riet ze wel te hoog geworden. Er zijn altijd soorten die komen en gaan in het gebied, niet altijd is de oorzaak te achterhalen, het kan aan de omstandigheden in het overwinteringsgebied liggen, of verandering van biotoop, daarbij speelt begrazing voor sommige soorten ook nog een rol, net als verstoring.

De krakeend neemt nog steeds ieder jaar flink in aantal toe, ook wilde eend, en meerkoet zitten in de lift omhoog, nieuw in het gebied was de waterhoen en kuifeend. Heel mooi was een waarneming van het zeldzaam geworden zomertaling paartje in het beginsel van de broedperiode, daar bleef het echter bij, de vogels waren later gevlogen en waarschijnlijk nog op trek. Ook de grauwe ganzen namen toe.

De koekoek wordt helaas steeds zeldzamer en liet zich nog maar sporadisch zien en horen, aan het aantal waardvogels waar ze hun eitjes in het nest kwijt kunnen zal het in ieder geval niet gelegen hebben. Verder is de bruine kiekendief regelmatig jagend waargenomen, maar kwam er dit jaar niet tot broeden, waarschijnlijk zaten ze wel ergens in de buurt.

De broedvogeltelling wordt uitgevoerd door Marcel Hoogendoorn, die het gebied jaarlijks van eind maart tot half juni (vanaf 2011) inventariseert als vrijwilliger van Staatsbosbeheer. De gegevens worden verstrekt aan SOVON vogelonderzoek Nederland.

Foto 📸 : Plasdijk met knotwilgen en takkenril met daarachter de Plaspolder.

Artikel bron: St. Groen Licht